Ryan Adams – Political Scientist

W. had een tepelpiercing waarvan ik niet wist of ik hem ooit te zien zou krijgen, en paarse dreadlocks. Ze kende een meisje dat vermoord is. Af en toe sliep ze in een kraakpand, maar veel vaker nog thuis bij haar moeder en haar zus en uitzonderlijk eens een keer bij mij. Bij mij op de bovenste verdieping was het klein en drukkend warm, dus stonden we vaak samen uit te waaien op het gigantische terras waarlangs je naar de kamers kon van mijn luidruchtige buren die eigenlijk best vriendelijk waren.

Hoe het allemaal begonnen is, kan ik moeilijk zeggen. Op een dag stond ze gewoon bij mij voor de deur, als een prijs van een wedstrijd waarvan ik vergeten was dat ik eraan had meegedaan. We dronken iets en praatten een beetje over onszelf. Tussendoor ging ik zout stelen uit een van de keukenkastjes, want dat had ze nodig om haar piercing te verzorgen. Hoe zoiets precies in zijn werk gaat weet ik nog altijd niet.Terwijl zij een dutje deed, ging ik naar de Franse les en toen ik terugkwam lag ze daar nog steeds. Ze vroeg of ze misschien een tijdje kon blijven.

De eerste maand was de maand waarin Love is hell, pt. 1 van Ryan Adams uitkwam. Ik draaide die ep de hele tijd en het viel mee dat zij daar niets op tegen had. Integendeel, ze vond de muziek mooi, erg mooi zelfs. Alleen dat eerste nummer, dat kon ze niet verdragen. Misschien was het hoe ze met haar ogen rolde bij de zin “the government supplies the cocaine”. Misschien was het de titel, Political scientist, en dat de universiteit papieren had waarop stond dat dat was wat zij wilde worden. Ze verafschuwde papieren. Papieren hadden geen enkele betekenis voor haar. Als ze kon, zou ze de hare meteen hebben weggegeven aan één van de sans-papiers waarvoor ze zo dikwijls ging koken.

En zo kwam het dat ik, terwijl zij in ondergoed op het bed zat (op klaarlichte dag maar met de gordijnen nog dicht), elke keer heel onopvallend naar de cd-speler liep om Love is hell, pt. 1 te laten beginnen met het tweede nummer. Geen Political scientist voor ons. Ik was ervan overtuigd dat ik dat heel subtiel deed, want ze heeft er nooit wat van gezegd. Tot op het moment waarop we afscheid namen. Ze had het wel gemerkt, zei ze, en dat ze niet begreep waarom ik zelfs in kleine dingen zoveel moeite voor haar deed.

Ze had grote idealen, W., en ik had er kleine. Zij wou Goede Dingen Doen, alleen maar Goede Dingen Doen en al het kleinburgerlijke en banale moest daarvoor wijken. Ze dacht veel na over hoe ze later absoluut niet wilde worden. Bij mij zou ze rustiger worden en leren tevreden zijn met kleine dingen, dus na de derde maand ging ze weer weg.

Ik heb geen idee waar ze nu is of hoe het met haar gaat, mijn roodharige, veganistische kraakmeisje. Heel af en toe luister ik nog naar Love is hell, pt. 1, maar dan doe ik dat zoals het hoort: zonder Political scientist. Het is het enige dat ik nog van haar heb, mag ik verdomme misschien?

Advertenties
Dit bericht werd geplaatst in Uncategorized en getagged met , . Maak dit favoriet permalink.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s